Geschiedenis van de Bejaardenzorg in Commewijne(niet definitief)


Deze tekst is een bijdrage van de oud voorzitter en erelid van het bestuur van de SBC, de Heer Paul Tsie A Foeng.

De Nederlandse Handel Maatschappij.

In 1880 kocht de Nederlandse Handel Maatschappij(N.H.M) DE Plantage Mariënburg op met het doel om er een suikerindustrie te vestigen. De centrale fabriek werd in 1882 geopend. Suikerriet dat in de omliggende plantages werd verbouwd, werd verkocht aan de centrale fabriek.Omstreeks 1920 werd de fabriek belangrijk uitgebreid. Vóór de tweede wereldoorlog was deze suikerfabriek de modernste in het Caraïbisch gebied. Mariënburg was destijds het centrum van Commewijne. Arbeiders uit de omliggende plantages konden hier werk vinden, Het was een echte "Compagnie Town"! Het bezat een eigen zaagmolen, bakkerij, winkel, medische dienst, hospitaal en bioscoop. Tijdens de Tweede Wereldoorlog bezat Mariënburg een eigen geld circulatiesysteem. Het merendeel van de veldarbeiders bestond uit Javanen, gecontracteerd uit het vroegere Nederlands Oost Indie. Na jaren van zware veldarbeid zijn er slechts enkelen er beter van geworden. Zij hadden geen familie of gezin om voor hen te zorgen. Sommigen hadden niet eens een dak boven hun hoofd en zij sliepen op de markt of in "Kampong Gedeh"(Grote Kampong).

Margo Rahardjo.

Het waren de heren Soedirman en Meinema die zich het lot van deze ouderen aantrokken. Zij vroegen de directeur Hr Munsterman toestemming om een kampongwoning voor de oudjes ter beschikking te stellen en dit verzoek werd gehonoreerd. Dit tehuis werd "Margo Rahardjo" ("Laatste Verblijfplaats") genoemd.
In 1975 werd de suikeronderneming overgedragen aan de nieuwe Republiek Suriname.
Omstreeks januari 1982 werd met het oude afvalmateriaal van 's Lands Hospitaal te Paramaribo het bejaardentehuis gebouwd ten behoeve van de bejaarden van de Suiker Onderneming Mariënburg. In de jaren die hierop volgden heeft Mariëmburg de exploitatiekosten voor haar rekening genomen. Toen de suikerfabriek werd gesloten en de plantage Mariëmburg eigenlijk werd opgeheven, zijn de exploitatiekosten ten laste gekomen van het Ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting afdeling Huize Ashiana. Dit bejaardenhuis raakte op den duur zeer bouwvallig, mede vanwege het oude materiaal dat was gebruikt. Het dak lekte als een zeef en de vloeren waren verrot.

Plannen voor iets nieuws.

Begaan met het lot van de oudjes en de situatie in dit oude gebouw, hebben enkele burgers van Commewijne het initiatief genomen om een nieuw gebouw op te zetten. Een stichting werd in het leven geroepen, de akte werd gepasseerd. De lokatie werd gekozen op Ellen waar de twee oude loodsen van de Stichting Volkshuisvesting stonden,

Bejaardenhuis te maken uit de loodsen.

Een tekening werd gemaakt om een van die loodsen te geschikt te maken als bejaardenhuis. De kosten werden geraamd op Sf 400.000,- . Daarna verstreken er drie jaren alvorens de Stichting de beschikking kreeg over de twee loodsen en de twee daaraan grenzende percelen. Eerst was het een bereidsverklaring, daarna een ter beschikkingstelling en uiteindelijk een eigendomsoverdracht van de Minister van Landbouw, Veeteelt en Visserij, de Heer Setroredjo.

De geldontwaarding.

Intussen daalde de waarde van de Surinaamse gulden aanzienlijk. Met het geraamde bedrag zou nooit meer iets van de grond kunnen komen.

Dus: Nieuwbouw.

Toen is het besluit genomen om een nieuwbouw op te zetten en fondsen in het buitenland te zoeken. Deze werden gevonden. Maar de toenmalige Minister van Sociale Zaken en Volkshuisvesting. de Heer Moestadja.weigerde enige medewerking te verlenen om toe te zeggen dat zijn Ministerie in zou komen voor de exploitatiekosten nadat het gebouw opgezet zou zijn. Tijdens zijn 4-jarig bewind heeft hij ook nooit het Bestuur van de Stichting willen ontvangen, ondanks diverse pogingen van dit bestuur om een afspraak te maken. Intussenm is ons de pas afgesneden door de Heer Shak Sie die een bejaardenhuis, genaamd "Huize Siemba"(Grootmoeder), heeft laten opzetten zonder kontakt te maken met het bestuur van de SBC.

Er kwam een nieuwe Minister op Sociale Zaken, de Heer P. Salam Soemohardjo en tijdens het eerste gesprek werd besloten het bedrag dat toegezegd was voor de bouw van het bejaardenhuis, niet verloren te laten gaan.

Dus: Nieuwbouw, maar dan van een Verpleeghuis.

Het besluit werd genomen om het bedrag groot Nf 550.000,- te gebruiken voor de opzet van een verpleeghuis voor verzorgingsbehoeftige bejaarden.
Tevens zegde de Minister steun toe in de exploitatiefase wat door de donateurs terecht als voorwaarde was gesteld. In de tussenliggende periode heeft het Bestuur van de stichting niet stilgezeten. Diverse ontwerpen werden gemaakt met als resultaat het huidige ontwerp. Onmiddelijk nadat het groen licht werd gegeven werd met de bouw aangevangen.